Al jaren wordt er gediscussieerd over de opzet van de oefeningen bij de Standaard Jachthonden Proeven van de KNJV. Het reglement voor de proeven is beschreven en beschikbaar op de site van de Orweja in de 2019-versie van het rode boekje..
Via de Jachthondensport facebook pagina is eerder onderstaand voorstel verspreid:

A en B : Volgen en Uitsturen: In deze oefening word de 8 vorm aangepast naar een Z (3×10 mtr ) . een maal aangelijnd en eenmaal los. Bij het los volgen wordt op ca 70 mtr een schot gelost als verleiding. De hond mag stoppen en of zitten ( tijdens het volgen voor schot registratie) maar dan zonder commando. Het volgen vervolgd dan nog 15 mtr waarna de hond “vrij” word gegeven en deze natuurlijk naar het schot moet trekken en na 30 mtr de hond terug geroepen word.
Er is vooral gesproken over de schutter in zicht of uit zicht en de afstanden van het schot danwel jachtgeweer of alarmpistool maar ook het “vrij” geven kreeg commentaar en dus beter als gerichte opdracht realistischer is.
C en D: Hier is de “down” verkort naar 1 minuut uit zicht. Hond ziet voorjager niet , maar nu wordt er zichtbaar voor de hond en voorjager een dummy opgeworpen als verleiding ( deel van oef D en dus altijd gecombineerd C en D ) na 1 minuut gaat voorjager naar de hond, wordt enkele meters verplaatst dmv volgen en mag dan het apport ophalen. Het apport is niet meer een konijn maar een groene canvas dummy. ( Zonder vacht of dergelijk )

Er is veel gesproken over de situatie dat de Voorjager en hond de dummy moeten zien vallen en hoe we dit creëren . Ook over de richting waarin de hond verplaatst wordt vanuit de down positie. Er is aangegeven dat dit in lijn met het apport moet zijn en niet naar een andere positie zodat de hoek naar de dummy anders wordt.
E: Deze proef wordt niet meer met eend maar met Foam eend / Woerd gedaan om wild te besparen en goed drijf vermogen en zichtbaarheid op water. De afstand tot waterkant wordt ipv 3 meter nu 10 meter en mag haaks dan wel langs de waterkant tot de werpplek zijn. Dit biedt meer vrijheid voor uitzetten op SJP terreinen.
F: De proef wordt niet met eend maar met konijn gedaan en deze wordt meermalen gebruikt. Er was geen richtlijn hoe vaak voor hergebruik maar wel dat de KM goed moet zien hoe t konijn wordt opgepakt en dat KM erop toeziet dat wild niet beschadigd is voor hergebruik

G: Hier wordt ipv eend een kraai of Roek gebruikt ( geen Kauw ) EN het wild wordt niet meer tegen de wind geworpen maar wind af ! Dit is mede omdat anders met sterke wind het wild voor de voeten van de werper terecht komt maar ook omdat honden nu naar of tussen val plek en werper altijd succes hebben. = geen markeren
H: Hier wordt geen aanpassing gedaan en blijft dus een eend alleen hier ook weer geen eigen eend voor elke deelnemer maar hergebruik van wild om aantal eenden terug te dringen.
I: Het stoppunt is niet meer aan de orde, hiervoor liggen nu twee duiven op het veld op 100 en 130 meter onder een hoek van ca 30 graden. Volgorde is vrij maar voorjager moet kenbaar maken aan de 3 KM’s welke als eerste geapporteerd word.. De wind komt van de zijkant en grotendeels haaks op de lijn VJ en duiven. Er zal voldoende te dirigeren zijn was hier de algemene visie.
J: De sleep wordt andersom getrokken ( dus niet vanaf maar ) naar de waterkant waarbij de VJ op circa 50 mtr van de startplek van de sleep staat. Er wordt een kleine gans gebruikt en de sleep bevat als voorheen twee haken. De gans ligt aan de waterkant of in ( stilstaand ) water.

